Naar de gevangenis, ga niet door start….

We zijn naar Port Arthur geweest. Hier was in de 19e eeuw een gevangenis voor mensen die zich bleven misdragen in Australië. We konden direct mee met een wandeling met een gids. Zij vertelde over de geschiedenis van Port Arthur en wees ons op gebouwen op het complex die de moeite waard zijn om te bekijken. Na de wandeling zijn we op een boottochtje door de haven geweest van 20 minuten. Het was hier lekker warm. Buiten is het namelijk nogal koud. We hebben vandaag twee truien en een regenjas aan! Even opwarmen op een boot met een kopje thee is niet onaangenaam. Op de boot werd uitleg gegeven over twee eilandjes die bij het complex horen. Op het ene eiland werd de eerste jongensgevangenis in het Engelse koninkrijk gesticht, waar kinderen vanaf 9 jaar terecht konden komen. Op het andere eiland werden mensen begraven: gevangenen, militairen, mensen van de leiding. 

 

Na de boottocht zijn we zelf over het terrein gewandeld. We zijn begonnen bij het gevangenisgebouw waar men weinig leefruimte had. Een cel was ongeveer 2,2 bij 1,3 meter. Het huis van de commandant was daarentegen vrij ruim en comfortabel ingericht. Zijn huis stond hoger op de heuvel zodat de gevangenen letterlijk tegen hem op konden kijken. Op het terrein was ook een inrichting voor geestelijk gestoorden. Hier kwamen mensen terecht die doordraaiden, maar ook mensen die dement werden. Daarnaast stond een gevangenisgebouw voor eenzame opsluiting. Hier werden mensen die zich misdroegen voor een tijdje opgesloten in een cel, waar ze maar 1 uur per dag uitmochten om te bewegen. Hiervoor kregen ze een masker op en werden ze naar een binnenplaats gebracht waar elke gevangene zijn eigen wandelruimte kreeg. Op bevel van de bewaarder moest de gevangene in een stevige tempo in zijn wandelruimte gaan lopen. Op zondag werden deze gevangenen gemaskerd naar de kapel gebracht, waar ieder een eigen houten ruimte kreeg, met slot op de deur en houten tussenschotten. Hierbinnen mocht het masker af en dit was het enige moment van de week dat gevangenen hun stem mochten gebruiken. Voor de zware gevallen was er in dit gebouw ook een isoleercel, waar geen daglicht binnenkwam. Hier kon je voor enkele dagen worden opgesloten.

Na Port Arthur zijn we wat natuur wezen bekijken. We zijn naar Eaglehawk neck gereden om wat rotsformaties bij zee te bekijken. Als eerste zijn we naar Blowhole geweest. Dit viel wat tegen. Hier komt de zee door een tunnel naar een niet meer overdekte grot geduwd, maar de zee was nogal kalm, waardoor het water niet echt omhoog kwam spuiten.
Daarna door naar Devil’s kitchen en Devil’s arch. Beide zijn ontstaan door het geweld van de zee in duizenden jaren. De Devil’s kitchen was een ingestorte grot waarbij nieuwe grotten langzaam door de zee worden uitgehakt in de steen. De Devil’s arch was ook ooit een grot, maar het dak is hiervan ingestort. Stoere rotsen om te zien!


Weer op de camping hebben we een nieuwe poging gedaan om een vuurtje te stoken. Vanmorgen heeft Christof het hout op het dak van de auto gesleept, onder plastic, en we hopen dat het wat is opgedroogd. Ook zijn we op zoek gegaan naar een winkel om aanmaakblokjes te kopen. Maar dit alles heeft resultaat opgeleverd. We hebben een vuur! Het is wel vuur dat constant aandacht nodig heeft, want dit hout brandt niet echt best. Christof denkt dat het of niet droog genoeg is of iets van olie ofzo bevat. De rest van de avond hebben we lekker bij het vuur gezeten met een glaasje whisky erbij. Heerlijk!

Geef een reactie